bouvierpoedel schreef:Gaat er niet om wat jij vind maar de wet zegt.
En waarom is het van de zotte.?
Een klant hoeft de hond niet helemaal van binnen tot buiten te kennen ,zoals een fokker.
Maar wel redelijk op de hoogte zijn in alles wat uiterlijk te zien is .
Voor die pup kun je ook een bankstel,koelkast of auto invullen.
Je kunt moeilijk na thuiskomst de dealer de schuld geven dat hij je een tractor heeft verkoch ipv een station wagen.
Of een gecoupeerde pup terwijl je graag een lange staart wilde .
Hoewel ik heel goed snap wat jullie bedoelen staat ook dit stuk wat ik eruit gehaald heb in de wet en dan is het een en ander toch weer niet zo zwart/wit dacht ik.
De Nederlandse wetgever ziet een hond (net als elk ander dier) als een zaak. Bij de koop en verkoop van een hond is meestal het consumentenrecht van toepassing. Dit
omdat bij de aankoop van een hond de fokker geacht wordt deskundiger te zijn dan de koper. Bij een koopovereenkomst dient de geleverde zaak (de hond) de eigenschappen te hebben, die de koper voor een normaal gebruik mag verwachten. Juridisch spreek je dan over de conformiteiteis. Vertaald naar de koop van een hond wil dit zeggen dat de gekochte hond moet voldoen aan de eisen die normaal gesproken aan een hond kunnen worden gesteld. Een normale verwachting is bijvoorbeeld dat de hond gezond is, zodat hij een hondenleven lang mee kan.
Omdat een hond een levend wezen is kan de verkoper nooit 100% garanderen dat de hond gezond is en blijft. De verkoper moet echter wel kunnen aantonen dat hij er alles aan heeft gedaan om te zorgen dat de hond gezond is. De fokker moet bijvoorbeeld goed uitzoeken welke gebreken binnen het desbetreffende hondenras voorkomen en er voor zorgen dat de ouderdieren daar geen last van hebben. Afhankelijk van het erfelijke gebrek kunnen daarvoor verschillende onderzoeken worden uitgevoerd, bijvoorbeeld onderzoek naar heupdysplasie (HD) of andere gewrichtsafwijkingen, oogonderzoek en soms zelfs bloedonderzoek. En natuurlijk moet de fokker ervoor zorgen dat het de pups aan niets ontbreekt, dus dat de pups alle benodigde inentingen en ontwormingskuren krijgen en naar behoren worden verzorgd. De fokker heeft dus een vrij uitgebreide zorgplicht.
In het consumentenrecht is de rechtspositie van de koper vrij sterk en geldt een minimale garantietermijn van een half jaar die eveneens van toepassing is op dieren en planten. Het gevolg van deze garantietermijn is, dat er op de verkoper van de pups een zogenaamde omgekeerde bewijslast geldt gedurende de eerste zes maanden na verkoop. Dit houdt in dat als er iets is met de gekochte pup, de fokker moet bewijzen dat dit het gevolg is van het verwijtbaar handelen van de pupkoper. In plaats van dat de koper het bestaan van het gebrek ten tijde van de koop moet bewijzen. Dit is voor de verkoper of fokker een moeilijke bewijslast, die de positie van de koper aanzienlijk versterkt.
Als een hond niet aan de overeenkomst beantwoordt, dan is het verhaal eigenlijk: geld terug, hond terug. Juridisch spreek je dan van ontbinding van de koopovereenkomst. Maar normaalgesproken zijn mensen erg gehecht geraakt aan hun hond en willen deze niet terug geven. Er kan dan worden afgesproken dat de koper de hond houdt en een deel van de aankoopkosten terugkrijgt. De koper van een zieke hond maakt op grond van het consumentenrecht dus een redelijke kans op vergoeding van de aanschafkosten of althans een deel daarvan.
Om de kans van slagen groter te maken dat de verkoper de dierenartskosten (juridisch beschouwd 'vervolgschade') moet betalen, is het vereist dat naast de vaststelling dat bij de gekochte hond essentiële eigenschappen ontbreken, vast komt te staan dat de tekortkoming de verkoper kan worden toegerekend. Het gaat dan om het beoordelen van de mate waarin het geconstateerde gebrek door de verkoper voorzienbaar had moeten zijn. Belangrijk hierbij is door de verkoper in acht genomen zorgvuldigheid. Een verkoper die kan aantonen van tevoren alles te hebben gedaan om ervoor te zorgen dat de hond zo gezond mogelijk is (onder andere door het testen van de ouderdieren), zal niet zonder meer aansprakelijk kunnen worden gesteld.
Naast de uitgebreide zorgplicht van de fokker speelt ook de zorgvuldigheid van de koper een belangrijke rol. Op de koper rust een zogeheten onderzoeksplicht. Als iemand bijvoorbeeld een rashond wil kopen, dan rust op de koper de verplichting om zich van te voren te verdiepen in dit ras en de bij dit ras voorkomende erfelijke gebreken. Een koper weet dan naar welke gezondheidsproblemen hij moet vragen. De koper moet ook vragen om zoveel mogelijk schriftelijke bevestigingen van de antwoorden van de fokker. De op de koper rustende onderzoeksplicht brengt ook een zekere zorgvuldigheid met zich mee. Dit betekent dat de koper actief op zoek moet gaan naar een betrouwbare fokker, en niet een hond koopt bij de eerste de beste fokker.
Om een tijdrovende en geldverslindende procedure tussen koper en fokker te voorkomen, is het raadzaam om bij de koop van een hond een deugdelijk koopcontract te gebruiken. Met een goed opgesteld koopcontract, dat de rechten en plichten van fokker en koper eerlijk verdeeld, zijn veel problemen vaak zonder tussenkomst van de rechter te voorkomen.