De Havanezer

Wat is dat nu voor een ras?

Moderator: moderatorteam

Plaats reactie
Bericht
Auteur
Leane

De Havanezer

#1 Bericht door Leane »

Rasstandaard Havanezer
(Met dank aan Patricia)

Afbeelding

Oorsprong: Westelijk Middellandse Zeegebied.
Ontwikkeling: Cuba.
Patronaat: FCI.
Gebruik: Gezelschapshond

Klasse FCI: GROEP 9 - GEZELSCHAPSHONDEN
Afdeling 1 - Bichons en aanverwanten
Zonder werkproef

Kort historisch overzicht:

Dit ras is afkomstig uit het Westelijk Middellandse Zeegebied en heeft zich ontwikkeld in de Spaanse en Italiaanse kuststreken. Blijkbaar werden deze honden in vroegere tijden meegebracht naar Cuba door Italiaanse kapiteins op de grote vaart. Bij vergissing heeft de voornaamste kleur havana (tabakskleur, bruin-rood) van deze honden, het verhaal doen ontstaan dat het hier gaat om een ras uit Havana, de hoofdstad van Cuba. Politieke omstandigheden in Cuba hebben geleid tot een totale verdwijning van de oude havanezer bloedlijnen; blijkbaar konden echter enkele honden Cuba uit gesmokkeld worden; hun nakomelingen overleefden in de USA.

Algemeen uiterlijk

De havanezer is een kleine stevige hond, laag op de poten, met een lange overvloedige, zachte en bij voorkeur golvende vacht.
Het gangwerk is levendig en veerkrachtig.

Belangrijke verhoudingen

De lengte van de snuit (van de neuspunt tot aan de stop) is gelijk aan de afstand tussen stop en achterhoofdsknobbel (occiput)
De verhouding tussen de lichaamslengte (gemeten van de schouderpunt tot aan de bilpunt) tot de schofthoogte is 4:3.

Gedrag en karakter

Buitengewoon levendig en pienter, makkelijk op te leiden tot waakhond. Aanhankelijk, van nature vrolijk, beminnelijk, attractief, charmant, speels en zelfs een beetje een clown. Houdt van kinderen en kan eindeloos met ze spelen.

Hoofd

Van middelmatige lengte. De verhouding tussen de lengte van het hoofd en de lichaamslengte (gemeten van schoft tot staartaanzet) is 3:7.

Schedel

Vlak tot heel weinig gewelfd, breed, voorhoofd weinig verheven. Van bovenaf gezien afgerond aan de achterkant en bijna recht en vierkant aan de drie andere zijden.
Stop: Matig aangeduid
Neus: zwart of bruin
Snuit: Geleidelijk licht smaller wordend in de richting van de neus, maar noch spits noch stomp.
Lippen: Fijn, droog en strak.
Kaken: Schaargebit. Men streeft naar een compleet gebit. Afwezigheid van de premolaren (PM1) en de molaren (M3) is toegestaan.
Wangen: Zeer vlak, niet uitstekend.
Ogen: Tamelijk groot, amandelvormig, kleur bruin zo donker mogelijk. Vriendelijke uitdrukking (expressie). De oogranden moeten donkerbruin tot zwart zijn.
Oren: Tamelijk hoog aangezet, langs de wangen vallend, een lichte plooi vormend die iets verheven is, eindigend in een licht ronde punt. Bedekt met lange haren, noch afstaand als molenwieken, noch tegen de wangen hangend.

Hals

middelmatige lengte

Lichaam

de lichaamslengte is iets groter dan de schofthoogte.
Rugbelijning: recht, licht gewelfd bij de lendenen.
Kruis: goed afhellend
Ribben : goed gewelfd
Buik: goed opgetrokken.

Staart

Hoog gedragen, hetzij in de vorm van een bisschopsstaf, hetzij -bij voorkeur- gekruld over de rug; is bedekt met een franje van lange zijde-achtige haren.

Afbeelding


Ledematen:

Voorhand: recht en evenwijdig, droog, goed beendergestel. De afstand tussen de grond en de elleboog moet niet groter zijn dan de afstand tussen elleboog en schoft.
Achterhand: goed beendergestel, matige hoekingen.
Voeten: een beetje langwerpig van vorm, klein, compact.
Gangwerk: de havanezer heeft een opvallend licht en veerkrachtig gangwerk, dat zijn vrolijke karakter onderstreept. Beweging: goed vrij en recht naar voren vanuit het front (schouders), de achterhand geeft de stuwing in een rechte lijn.

Vacht

Vachtstructuur: De ondervacht, wollig, is weinig ontwikkeld, vaak geheel afwezig. De bovenvacht is erg lang (12-18 cm bij een volwassen hond), zacht, recht of gegolfd en kan gekrulde lokken vormen.
Elke vorm van toiletteren, de vacht met de schaar op gelijke lengte knippen, en elke vorm van trimmen is verboden.
Uitzondering: het bijwerken van de voeten is toegestaan, haren op het hoofd kunnen iets ingekort worden zodat ze de ogen niet bedekken en de haren op de snuit kunnen iets ingekort worden, maar het natuurlijk laten verdient de voorkeur.
VachtkleurZeldzaam geheel wit, beige in alle nuances (met zwarte haarpunten toegestaan), zwart, havannabruin, tabakskleur, roodbruin. Vlekken in deze vachtkleuren zijn toegestaan.

Hoogte:
Schofthoogte van 23 tot 27 cm (= "ideaal").
Toegestaan is 21 tot 29 cm.

Fouten:
Iedere afwijking van voorafgaande beschrijving moet als fout beschouwd worden, die zal worden bestraft afhankelijk van de ernst.

Ernstige fouten:
het geheel niet voldoen aan type.
te stompe of te spitse snuit, waarvan de lengte niet gelijk is aan die van de schedel.
roofvogel-ogen, te diep liggende of uitpuilende ogen, gedeeltelijk gepigmenteerde ooglidranden.
te lang of te kort lichaam.
rechte staart, niet omhoog gedragen.
Frans front (voorpoten te nauw in stand, voeten naar buiten gedraaid.)
misvomde achtervoeten.
harde vacht, weinig overvloedige vacht, korte vacht behalve bij pups, getoiletteerde vacht.

Diskwalificerende fouten:

agressief of schuw gedrag
boven- of ondervoorbeet
vleeskleurige neus
entropion, ectropion, een of beide ooglidranden niet gepigmenteerd
maat onder of boven de aangegeven norm

Elke hond die afwijkend lichamelijk of geestelijk gedrag vertoont dient te worden gediskwalificeerd.

NB. Reuen moeten twee normale testikels bezitten die geheel in het scrotum zijn ingedaald.

Karakter

Havanezers zijn kleine gezelschaps- honden. Ze zijn zeer aanhankelijk en willen graag bij de mensen zijn. Zij vinden het heerlijk om vertroeteld en geknuffeld te worden, maar zullen niet snel opdringerig zijn. Het zijn vrolijke, zachtaardige en meegaande hondjes. Ze zijn buitengewoon intelligent en snel van begrip. Omdat ze het je graag naar de zin willen maken, zijn ze gemakkelijk op te voeden.
Gezien hun grote behoefte aan gezelschap zijn havanezers geen hondjes die hele dagen alleen thuis kunnen zijn. Voor mensen die van 's morgens 8 tot 's middags 5 werken, 5 dagen in de week, zijn ze dan ook niet geschikt. Vaak hele dagen alleen zijn of in een kennel doorbrengen, is het ergste dat je ze kunt aandoen.
Hoewel ze het liefst overal mee naar toe gaan, is met de juiste begeleiding en opvoeding ze wel bij te brengen om af en toe eens een paar uurtjes alleen te blijven.
Ze zijn zeer gevoelig voor de stemming van hun baasjes. Het zijn clowns als je verdrietig bent, je vindt ze aan je zijde als je ziek bent en ze zijn blij als je gelukkig bent. Door deze gevoeligheid voelen ze het ook direct aan als ze iets gedaan hebben wat niet mag. Vaak is er niet meer dan een verwijtend woord voor nodig om ze te laten merken dat je hun gedrag niet op prijs stelt. Meestal staan ze dan een paar minuten later bij je om het goed te maken.
Het is een prettige bijkomstigheid dat havanezers vrijwel niet verharen en reukloos zijn.

Kunstjes hebben ze zo onder de knie. Ze werden vroeger dan ook heel vaak als circushondjes gebruikt. Aangeleerde trucjes doen ze al snel uit zichzelf omdat ze de aandacht die ze daardoor krijgen zo leuk vinden. Hoewel ze die trucjes ook wel eens gebruiken om iets lekkers te krijgen, of om onder iets uit te komen dat ze liever niet doen . . . En wat is het dan moeilijk om ze te weerstaan!!!
Wie een leuke hobby wil, kan met zijn havanezer voor een van de honden­sporten kiezen. Hun snelle begrip maakt ze gemakkelijk te trainen. Met "Gedrag en Gehoorzaamheid" (G & G) en "Behendigheid" doen de havanezers heel goed mee, ook op wedstrijden. In 1995 was een havanezer zelfs geselecteerd voor het Nederlands Kampioenschap Cynophilia (G & G -1).

Ontstaan van de havanezer

Onderstaand artikel is een samenvatting van de Nederlandse vertaling van Suzanne McKay's "HAVANESE HISTORY".

1 Na het tot stand komen van de vertaling zijn in het origineel enkele wijzigingen aangebracht.


Havanezers behoren tot de Bichon-familie. Over het ontstaan van het ras "havanezer" is niets met zekerheid bekend. Er bestaat een aantal theorieën, die slechts met elkaar gemeen hebben dat ze een vermenging zijn van feiten, vermoedens en verzinsels. Wel is men het er algemeen over eens dat het altijd een klein, uit het Middellandsezee­gebied afkomstig, ras is geweest, dat in het bezit was van de elite en dat door Italianen en/of Spanjaarden in Zuid-Amerika terecht kwam.


De Cubaanse schrijfster Zoila Portuendo Guerra heeft degelijk onderzoek verricht en komt met misschien nog de meest waarschijnlijke theorie:
Tot het begin van de 19e eeuw bestond er een geheel wit Cubaans ras dat "blanquito" heette en dat zeer vermoedelijk ontstaan is uit uit Europa afkomstige bichons. Dat ras werd echter gekruist met een paar andere rassen, waaronder voornamelijk kleine, gekleurde poedels uit Frankrijk en zo ontstond in de loop van de 19e eeuw de huidige havanezer.
Die havanezer werd troeteldier van de welgestelde Cubanen en leefde een onbekommerd bestaan tot in 1959 de Cubaanse revolutie uitbrak. Slechts enkelen van de naar de VS en Costa Rica gevluchte Cubanen waren in staat hun havanezer mee te nemen tijdens hun vlucht. Die enkelingen hebben meer dan tien jaar het ras in stand gehouden.
In het begin van de jaren zeventig zijn Bert en Dorothy Goodale heel doelbewust en vakkundig gaan fokken met drie bloedlijnen havanezers. Bovendien werd men ook op Cuba zélf actief: na zorgvuldig onderzoek werd daar een fokprogramma opgezet met 15 raszuivere exemplaren als uitgangspunt. Inmiddels bestaat de havanezer weer in grote aantallen en gaf Cuba zelfs een postzegel uit, met een havanezer als afbeelding.
Al deze inspanningen hebben geleid tot de havanezer zoals we die nu kennen.

Afbeelding

Rasgroep 9

Plaats reactie

Terug naar “Rasstandaards”

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast