Het ging al een tijdje niet goed met je. Dat wisten we. Je werd vorig jaar ineens kaal, je huid werd bobbelig en wrattig. Ook viel je af en dachten we: dit wordt ons laatste jaar samen. Na verschillende onderzoeken dacht men dat je eigenlijk gewoon een huidprobleem had vanwege de ouderdom, niets bijzonders. Zodoende. En wat hebben we een spijt dat we niet eerder hebben aangedrongen! Het is geen excuus, echter je haar kwam weer terug en er ontwikkelden zich geen nieuwe onvolkomenheden. En zo kabbelden we een tijdje verder. Natuurlijk, je was wat eerder moe dan vroeger en de lange tochten die we weleens ondernamen werden minder frequent. Uiteindelijk bleef je liever thuis of ‘in de buurt’ en daar leek je tevreden mee.
Het was een maand geleden dat we vonden dat je wel heel mager werd en zo snel ook. Je was tien kilo afgevallen en dat was teveel. Ook groeide er een bult op je bil die er niet goed uit zag en we gingen toch maar weer voor onderzoek.
Het werd dan ook echt even spannend. Er bleek een tumor te zitten. We werden bang, zo bang want eigenlijk is het leven niets zonder jou…toch bleek uiteindelijk het gezwel goedaardig en bovendien ingekapseld. Al je belangrijke lichaamsfuncties bleken in orde. Een onbeschrijfelijk gevoel van opluchting ging door ons heen, omdat we eigenlijk al afscheid hadden genomen van elkaar. En toen kon je ineens weer mee naar huis. Dat was echt een geweldig gevoel. Het vreemde was dat het ook daarna weer erg goed met je ging. Zonder medicatie en het ging geweldig. Misschien de stilte voor de storm? We wisten het niet, maar koesterden je bestaan en als vanzelf vervielen we terug in het oude leven. Zoals het was. Tot twee weken geleden.
Er waren een aantal gelegenheden georganiseerd en zoals altijd was jij erbij. Zo hoort dat. We bemerkten dat je wat snel buiten adem was, om vervolgens net te doen of je jong en onbevangen was. Er was niet echt een peil op te trekken. Vroegen ons af of het allemaal misschien teveel voor je was, te druk. Snel zagen ook anderen dat zelfs en vaststond dat er wat moest gebeuren. De afspraak werd snel gepland voor vervolgonderzoek, maar eerder ging het al mis. Je raakte zo benauwd dat je er niet meer uit kwam. Je hoestte en proestte en er kwam slijm uit je keel. Dit konden we niet meer aan. Na een telefoontje mochten we direct komen. Met het hele gezin togen we uiteindelijk naar de arts, nadat we elkaar eerst vaarwel hadden gezegd. Nadat je door je benen zakte, niet meer op adem kwam en je hart bijna uit zijn kas sprong, konden we het niet meer ontkennen en niet langer lijdzaam toezien hoe je eraan onderdoor ging. En zo traden we de laatste rit tegemoet. Onze kleine meid lag heerlijk bij je op de achterbank en jullie knuffelden. Het was een heerlijk beeld, een beeld dat voor altijd bij ons zou blijven, ondanks de moeilijke beslissing die we moesten nemen. Deze rit was donderdag een week geleden.
De dienstdoende arts handelde die bewuste avond kordaat, beluisterde, injecteerde, temperatuurde en danste om je heen. Je gezicht lag veilig weggeborgen in onze handen, truien en jassen. Het was nauwelijks te bevatten dat we even later met je buiten liepen. Je sprong in het rond, kirde het uit, liet je geluid door de ruimte schallen en denderde met je lompe postuur door ons heen. We zagen jouw oude ik, jouw echte ik. Het was niet zo dat je niets mankeerde. Absoluut niet. Er werd even daarvoor geconstateerd dat je vocht op je longen had en een verminderde hartpompfunctie. Toch, redelijk simpel op te lossen door een pilletje hier en een pilletje daar. Wel moesten we over een week een controle laten uitvoeren of het wel echt goed ging met je. Een aantal dagen later hadden we daarom contact met de arts, die ons zei dat een van de pilletjes er wel af kon. Een aantal dagen later konden we dan bepalen of je de rest van je leven nou wel of niet die pilletjes nodig had.
De avond voor die bewuste controle begon het. Je kuchte een aantal keer en maakte een raar geluid. De schrik zat er meteen goed in. Toch ging je daarna verder met wat je aan het doen was. Een uur later begon je te hijgen, je borst pompte op en neer. Het was een afgrijselijk gezicht. Uiteindelijk begon je te piepen tijdens het hijgen en je ogen puilden uit. Het ergste van alles was dat de arts niet bereikbaar was. We hebben je in de auto gelegd en zijn er toch naartoe geracet, hopende op hulp. Tijdens de rit was het zwaar. We wisten dat ook dit toch kon gebeuren, ondanks de eerdere onderzoeken en de medicijnen, dit was de andere waarschuwing. Het besluit was al eerder genomen en we wilden je niet laten lijden. We bleven bij ons besluit. Hoe moeilijk dat ook was. En zo stonden we, weer, voor de deur bij de arts, midden in de nacht. Je werd mee naar binnen genomen, onderzocht, een pilletje hier, temperaturen, injecteren en in ons hoofd speelden de beelden van vorige week zich af. Het was afschuwelijk, maar het duurde nog geen vijf minuten en je stopte met hijgen. We zagen je borst langzaam op en neer deinen en met ingehouden adem wachtten we af. En je stond gewoon weer op! Alsof er helemaal niets gebeurd was. Er raasde een gevoel van euforie door ons heen, er was nog wel hoop zagen we. Het ging zo slecht nog niet, zei de arts, maar wel kreeg je dat andere pilletje weer mee. En zo stapten we een verdere slapeloze nacht in. ‘Het kan morgen alsnog afgelopen zijn’, waren de woorden die nog urenlang nagalmden. Echter, je was bij ons en sliep zelf rustig.
Zelf ging ik met je mee. Er wachtte een drukke dag op je en we reden naar de kliniek. Je bent altijd gek geweest op autorijden, je genoot er van. Heel even hadden we een moment van bezinning, een moment samen, voordat we het gevreesde pand binnenliepen. Ik hield je vast, kuste je en wilde gewoonweg geen gedag zeggen. Ik kon het gewoon niet. ‘Kom op, joh…’, kin omhoog en gaan.
Eenmaal binnen werd je onderzocht, van top tot teen. Je onderging het, zocht steeds mijn steun en ik was daar. Je jammerde af en toe, maar eigenlijk deed je het hartstikke goed. Toch, de artsen waren niet gerust. Er kwam een bespreking en we moesten wachten. Iedere seconde telde voor ons. In de wachtruimte leken we aan elkaar vastgekleefd…tot er artsen kwamen om je nog eens vast te houden, tegen je te praten. De prognose was niet goed. Zelf kon ik me niet meer inhouden en begon te huilen. Onbedaarlijk te blèren. Nog één onderzoek en dan wisten we het zeker. Dus hees ik me in een röntgenpak en toog met je mee.
Het waren weer spannende uren. Ook nu bleef je rustig liggen, je was niet langer bang. Al die tijd hebben we elkaar aangekeken, tot het voorbij was en de uitslag kwam. Met bonkend hart keek ik mee naar de foto’s van jouw lichaam. De glimlach van de artsen ontgingen mij niet. Ik zag de foto’s en de uitslag kon ik al bepalen. Je ging weer mee naar huis, dat stond vast. Met een pilletje hier en een pilletje daar. Voor de rest van je leven. Dat was niet erg, als ik ze maar niet vergat te geven.
Je ligt nu aan mijn voeten, we hebben net geknuffeld en gespeeld. Straks ga ik je kammen, die lekkere vacht ga ik uren kammen, want dat vindt je zo heerlijk. De hele dag zou ik dat wel willen doen! Het gekuch en gehijg, gepiep en geslijm hebben we niet meer gezien. Je mag dus nog bij ons blijven en je zit weer lekker in je vel. Nog een weekje, dan mag je weer naar buiten om mee te gaan naar het park.
Een uitgesteld vaarwel. Niets voelt heerlijker, maar ook zo onwerkelijk. Je bent hier gewoon nog, huppelend als een jonge hond. Spelend met je vriendinnetje en jullie pupje. We vertelden je eerder dat we je koesterden en dankbaar waren voor alle belevenissen met jou samen. Je trouw en vriendschap, liefde en genegenheid. Het is eigenlijk niet te omschrijven hoe sterk het gevoel nu is, na dit verhaal. Waarschijnlijk gaan we nog een aantal jaren samen met jou door het leven. En dat is buitengewoon heerlijk!
Edit: Het gaat nu goed met Kazan. We dachten echt: dit was het, het is voorbij. We namen in tien dagen drie keer afscheid van hem en ik kan niet bewoorden wat er allemaal door me heen ging. Maar ik moest het van me afschrijven. Want hij is er nog, gelukkig, met pilletjes, en levendig. Hij had het heel zwaar, maar daar zie je niets meer van! Dankjewel, voor het lezen...





