Waakhond, regelteef en sufmuts
Geplaatst: 23 jul 2015 10:13
Na ruim een half jaar te mijner huize te hebben gebivakkeerd, beginnen de karakters van Maggie en Abby zich aardig te openbaren.
Zo heeft Maggie zich ontwikkeld als een heuse waakhond die haar taak zeer serieus opneemt. Bij elk teken van onraad (lees: langslopende honden, langsrijdende vuilniswagens, deurbellen, etc.) meent mevrouw huis en de haar toevertrouwde levende have te moeten verdedigen. Dit doet ze middels een diep, hees gebrul (het lijkt bijkans wel of ze 10 jaar lang een pakje zware shag heeft weggerookt). Als ik haar verstoord terugroep, komt ze met een triomfantelijke blik en een propellorachtig staartgezwaai voor me staan: ‘dat heb ik toch even mooi gedaan, niet vrouwtje?’.
Loslopen gaat al iets beter. 8 van de 10 keer komt ze direct na het commando terug. 2 van de 10 keer krijg ik nog steeds een middelvinger en gaat ze op zoek naar vuilnisbakken. Maar ach, het gemiddelde gaat omhoog. Ze is wel goed voor mijn conditie omdat ik nog steeds moet rennen om haar in haar kladden te grijpen als ze er in gestrekte draf vandoor wil gaan.
Abby is nog steeds een lompe boerin. Een soortement labrador vermomd als collie. Zwiept alles rustig van de tafel, loopt je ondersteboven bij het voorbijgaan, geeft je per ongeluk een kopstoot bij het knuffelen of deponeert een poot in je gezicht in plaats van in je hand. Maar ach, ze bedóelt het goed. Ze heeft naast de eetlust ook het enthousiasme van een labrador en is nergens bang voor. Zelfs niet voor vuurwerk of onweer.
Ze steekt bovendien overal haar nieuwsgierige neus in, vindt dat ze zich overal mee moet bemoeien en davert dus onverfrohren overal op af. Niks geen elegante sierlijke en gereserveerde collie. O nee, ze dondert in haar enthousiasme rustig in een vijver en ja, ze houdt van zwemmen. In de IJssel. En kinderen is ze gek op. Vooral baby’s. Die mag je ook niet alleen laten want dan gaat ze er direct naast liggen, met één boos oog op de mensen gericht die het arme wicht zomaar alleen durven te laten.
Joggende of skatende mensen vindt ze irritant en moeten dus normaal lopen en ze ziet het als haar Persoonlijke Taak om ze tot stilstand te brengen. Iets wat ik haar uiteraard aan het afleren ben want mensen een hartverzwakking bezorgen vind ik niet zo’n puik idee.
Gek genoeg kunnen Maggie en Abby het prima met elkaar vinden maar die arme Lyndie valt er wat buiten. Abby vindt Lyndie wel leuk (een beetje suf, maar goed dat ís ze ook) maar Maggie vindt Lyndie maar knap irritant maar ze negeren elkaar derhalve hevig.
Maar ja, Lyndie doet sowieso niet veel meer dan slapen dus een probleem levert het niet op.
Kortom, het is een leuke roedel zo samen.
Zo heeft Maggie zich ontwikkeld als een heuse waakhond die haar taak zeer serieus opneemt. Bij elk teken van onraad (lees: langslopende honden, langsrijdende vuilniswagens, deurbellen, etc.) meent mevrouw huis en de haar toevertrouwde levende have te moeten verdedigen. Dit doet ze middels een diep, hees gebrul (het lijkt bijkans wel of ze 10 jaar lang een pakje zware shag heeft weggerookt). Als ik haar verstoord terugroep, komt ze met een triomfantelijke blik en een propellorachtig staartgezwaai voor me staan: ‘dat heb ik toch even mooi gedaan, niet vrouwtje?’.
Loslopen gaat al iets beter. 8 van de 10 keer komt ze direct na het commando terug. 2 van de 10 keer krijg ik nog steeds een middelvinger en gaat ze op zoek naar vuilnisbakken. Maar ach, het gemiddelde gaat omhoog. Ze is wel goed voor mijn conditie omdat ik nog steeds moet rennen om haar in haar kladden te grijpen als ze er in gestrekte draf vandoor wil gaan.
Abby is nog steeds een lompe boerin. Een soortement labrador vermomd als collie. Zwiept alles rustig van de tafel, loopt je ondersteboven bij het voorbijgaan, geeft je per ongeluk een kopstoot bij het knuffelen of deponeert een poot in je gezicht in plaats van in je hand. Maar ach, ze bedóelt het goed. Ze heeft naast de eetlust ook het enthousiasme van een labrador en is nergens bang voor. Zelfs niet voor vuurwerk of onweer.
Ze steekt bovendien overal haar nieuwsgierige neus in, vindt dat ze zich overal mee moet bemoeien en davert dus onverfrohren overal op af. Niks geen elegante sierlijke en gereserveerde collie. O nee, ze dondert in haar enthousiasme rustig in een vijver en ja, ze houdt van zwemmen. In de IJssel. En kinderen is ze gek op. Vooral baby’s. Die mag je ook niet alleen laten want dan gaat ze er direct naast liggen, met één boos oog op de mensen gericht die het arme wicht zomaar alleen durven te laten.
Joggende of skatende mensen vindt ze irritant en moeten dus normaal lopen en ze ziet het als haar Persoonlijke Taak om ze tot stilstand te brengen. Iets wat ik haar uiteraard aan het afleren ben want mensen een hartverzwakking bezorgen vind ik niet zo’n puik idee.
Gek genoeg kunnen Maggie en Abby het prima met elkaar vinden maar die arme Lyndie valt er wat buiten. Abby vindt Lyndie wel leuk (een beetje suf, maar goed dat ís ze ook) maar Maggie vindt Lyndie maar knap irritant maar ze negeren elkaar derhalve hevig.
Maar ja, Lyndie doet sowieso niet veel meer dan slapen dus een probleem levert het niet op.
Kortom, het is een leuke roedel zo samen.