tweedehands honden deel 20
Geplaatst: 28 feb 2011 21:29
20
Tijdens een mooie voorjaarsdag ontmoeten wij een nieuwe hond. Het is een prachtige zwarte Duitse herder, een jong dier nog, en boordevol energie.
Hij daagt de windhonden uit voor een potje rennen, dus ik maak ze los en speel even voor lanceerinrichting. Je voelt gewoon de luchtverplaatsing als zij er vandoor stuiven. De herder kan haast niet geloven dat die twee magere scharminkels sneller zijn dan hij, en hij is dan ook niet van plan zich zomaar bij een nederlaag neer te leggen. Hij haalt letterlijk alles uit de kast, en geeft het niet op. Wel veranderd hij van tactiek. In plaats van een lange achtervolging blijft hij stilstaan, en doet alsof hij even aan iets reuze interessants moet snuffelen.
En als de Galgo's nieuwsgierig naderbij komen probeert de herder met een snelle uitval de hondjes te vlug af te zijn. Tevergeefs, dat wordt al snel duidelijk.
Uiteindelijk zijn de honden moe, en kan ik ze probleemloos aanlijnen.
De volgende dag zien wij de zwarte herder weer, en opnieuw maak ik mijn honden los. Gijsje staat al helemaal te piepen van ongeduld, en stuift weer op de herder af.
Maar de Zwarte reageert amper, en gaat niet in op de uitdaging tot spelen. Het is alsof hij bij voorbaat de hopeloosheid van zijn inspanning inziet, n er verder geen energie meer in wil steken. Lotje staat wat onthutst te kijken, en ik maak haar maar weer vast. Als ik Gijsje wil roepen zie ik haar nog net in het bos verdwijnen.
Zij zit nog boordevol energie, en ik zal moeten wachten tot zij weer te voorschijn komt, want roepen is in dit stadium volkomen zinloos.
Ik loop wat langs de bosrand in de hoop een glimp van haar op te vangen, maar ze laat zich niet zien.
Niemand van de wandelaars heeft haar gesignaleerd, en na een uur vergeefs wachten en af en toe eens fluiten, begin ik toch knap ongerust te worden.
Met tegenzin bel ik mijn vrouw, want ik wil haar niet ongerust maken. Maar veel keus heb ik niet want als ik nog langer wegblijf gaat zij mij wel bellen...
Weer gaat een uur voorbij, terwijl ik passief sta te wachten, en mij sta te verbijten van de zenuwen. Waar is die hond heen? Is zij nog wel op de hei?
Waarom heeft niemand haar gezien? Zal ik de dierenambulance bellen?
Met tegenzin besluit ik naar huis te gaan om mijn scootmobiel te halen, zodat ik een groter gebied kan afzoeken.
Na een half uur ben ik opnieuw op de plaats waar Gijsje verdwenen is. Twee dames komen met doelbewuste tred op mij af. Meneer, weet u dat uw hond u loopt te zoeken? vragen zij. Zij vertellen mij dat zij de hond in snel tempo de hei hebben zien doorkruisen, en dat hij na een tijdje uit hun blikveld verdwenen is. Na hen uitvoerig bedankt te hebben voor hun oplettendheid hervat ik met verdubbelde energie al roepend en fluitend mijn zoektocht.
Dan gaat mijn mobiele telefoon. Van de zenuwen graai ik mis en het apparaat valt in de hei. Ik hoor het wel bellen, maar ik zie het niet liggen.
Op handen en voeten ga ik op het geluid af, en daar, aan het gezicht onttrokken door een flink uit de kluiten gewassen heidestruik ligt het telefoontje.
Waarom maken ze die dingen ook zo klein? Dat is toch stom? Alsie valt ben je 'm kwijt... ja toch? niet dan?
Ik druk gehaast op dat iele knopje met dat groene stipje. Maar mijn handen beven en mijn vingers zijn te grof voor die pietepeuterige toetsjes.
Gadsammekrake dat is toch een ontwerp voor vrouwen? Dat ga je toch niet aan een kerel meegeven? Wij willen gewoon degelijke toetsen, met duidelijke opschriften, die zonder bril te ontcijferen zijn. Een gewone draaischijf zou nog beter zijn. En een eenvoudig doch stevig koord met twee karabijn-haken, zodat je het mobiel stabiel om je nek kunt hangen.
Eindelijk zie ik kans het groene knopje in te drukken, en een stem knettert knoerthard in mijn oor...HALLO? WE HEBBEN HEM HOOR!!
Ik herken die stem uit duizenden. Hij behoort toe aan Frau Dinky. Zij loopt net als ik al meer dan vijfentwintig jaar de hei onveilig te maken. Ik sta te dansen van opwinding en ik hoor haar nog zeggen dat zij onderweg is naar mijn huis om de hond daar af te leveren.
Het nut van veel sociale contacten is met dit incident weer eens duidelijk bewezen. Er is een hele kring ontstaan van mensen die elkaar allemaal helpen.
Zij vangen honden op als er eens iemand op vakantie wil, of laten de beesten uit als er iemand ziek is. Zelfs als iemand te oud is, zorgen wij ervoor dat het beestje bij de baas kan blijven, en wordt het uitlaten gewoon overgenomen.
Ik heb daarvoor de volgende kwinkslag bedacht. Komt er een nieuweling op de hei, met een leuke hond, dan vraag ik na een paar wandelingen;
"U heeft toch zo'n leuke hond...Als één van ons tweeën nou plotseling doodgaat..., mag ik hem dan hebben"?
Deze grap heeft een ernstig gemeende ondertoon die na een paar weken wel duidelijk wordt. En dan hebben wij weer een nieuwe bondgenoot erbij.
Het aardige is nu dat niemand weet dat hij tot de "kring" behoort. Je wordt gewoon stilzwijgend ingelijfd, zonder dat er vaste afspraken of verplichtingen zijn.
Maar het werkt!
Dat is vandaag weer eens duidelijk geworden..
wordt vervolgd
Kelev
Tijdens een mooie voorjaarsdag ontmoeten wij een nieuwe hond. Het is een prachtige zwarte Duitse herder, een jong dier nog, en boordevol energie.
Hij daagt de windhonden uit voor een potje rennen, dus ik maak ze los en speel even voor lanceerinrichting. Je voelt gewoon de luchtverplaatsing als zij er vandoor stuiven. De herder kan haast niet geloven dat die twee magere scharminkels sneller zijn dan hij, en hij is dan ook niet van plan zich zomaar bij een nederlaag neer te leggen. Hij haalt letterlijk alles uit de kast, en geeft het niet op. Wel veranderd hij van tactiek. In plaats van een lange achtervolging blijft hij stilstaan, en doet alsof hij even aan iets reuze interessants moet snuffelen.
En als de Galgo's nieuwsgierig naderbij komen probeert de herder met een snelle uitval de hondjes te vlug af te zijn. Tevergeefs, dat wordt al snel duidelijk.
Uiteindelijk zijn de honden moe, en kan ik ze probleemloos aanlijnen.
De volgende dag zien wij de zwarte herder weer, en opnieuw maak ik mijn honden los. Gijsje staat al helemaal te piepen van ongeduld, en stuift weer op de herder af.
Maar de Zwarte reageert amper, en gaat niet in op de uitdaging tot spelen. Het is alsof hij bij voorbaat de hopeloosheid van zijn inspanning inziet, n er verder geen energie meer in wil steken. Lotje staat wat onthutst te kijken, en ik maak haar maar weer vast. Als ik Gijsje wil roepen zie ik haar nog net in het bos verdwijnen.
Zij zit nog boordevol energie, en ik zal moeten wachten tot zij weer te voorschijn komt, want roepen is in dit stadium volkomen zinloos.
Ik loop wat langs de bosrand in de hoop een glimp van haar op te vangen, maar ze laat zich niet zien.
Niemand van de wandelaars heeft haar gesignaleerd, en na een uur vergeefs wachten en af en toe eens fluiten, begin ik toch knap ongerust te worden.
Met tegenzin bel ik mijn vrouw, want ik wil haar niet ongerust maken. Maar veel keus heb ik niet want als ik nog langer wegblijf gaat zij mij wel bellen...
Weer gaat een uur voorbij, terwijl ik passief sta te wachten, en mij sta te verbijten van de zenuwen. Waar is die hond heen? Is zij nog wel op de hei?
Waarom heeft niemand haar gezien? Zal ik de dierenambulance bellen?
Met tegenzin besluit ik naar huis te gaan om mijn scootmobiel te halen, zodat ik een groter gebied kan afzoeken.
Na een half uur ben ik opnieuw op de plaats waar Gijsje verdwenen is. Twee dames komen met doelbewuste tred op mij af. Meneer, weet u dat uw hond u loopt te zoeken? vragen zij. Zij vertellen mij dat zij de hond in snel tempo de hei hebben zien doorkruisen, en dat hij na een tijdje uit hun blikveld verdwenen is. Na hen uitvoerig bedankt te hebben voor hun oplettendheid hervat ik met verdubbelde energie al roepend en fluitend mijn zoektocht.
Dan gaat mijn mobiele telefoon. Van de zenuwen graai ik mis en het apparaat valt in de hei. Ik hoor het wel bellen, maar ik zie het niet liggen.
Op handen en voeten ga ik op het geluid af, en daar, aan het gezicht onttrokken door een flink uit de kluiten gewassen heidestruik ligt het telefoontje.
Waarom maken ze die dingen ook zo klein? Dat is toch stom? Alsie valt ben je 'm kwijt... ja toch? niet dan?
Ik druk gehaast op dat iele knopje met dat groene stipje. Maar mijn handen beven en mijn vingers zijn te grof voor die pietepeuterige toetsjes.
Gadsammekrake dat is toch een ontwerp voor vrouwen? Dat ga je toch niet aan een kerel meegeven? Wij willen gewoon degelijke toetsen, met duidelijke opschriften, die zonder bril te ontcijferen zijn. Een gewone draaischijf zou nog beter zijn. En een eenvoudig doch stevig koord met twee karabijn-haken, zodat je het mobiel stabiel om je nek kunt hangen.
Eindelijk zie ik kans het groene knopje in te drukken, en een stem knettert knoerthard in mijn oor...HALLO? WE HEBBEN HEM HOOR!!
Ik herken die stem uit duizenden. Hij behoort toe aan Frau Dinky. Zij loopt net als ik al meer dan vijfentwintig jaar de hei onveilig te maken. Ik sta te dansen van opwinding en ik hoor haar nog zeggen dat zij onderweg is naar mijn huis om de hond daar af te leveren.
Het nut van veel sociale contacten is met dit incident weer eens duidelijk bewezen. Er is een hele kring ontstaan van mensen die elkaar allemaal helpen.
Zij vangen honden op als er eens iemand op vakantie wil, of laten de beesten uit als er iemand ziek is. Zelfs als iemand te oud is, zorgen wij ervoor dat het beestje bij de baas kan blijven, en wordt het uitlaten gewoon overgenomen.
Ik heb daarvoor de volgende kwinkslag bedacht. Komt er een nieuweling op de hei, met een leuke hond, dan vraag ik na een paar wandelingen;
"U heeft toch zo'n leuke hond...Als één van ons tweeën nou plotseling doodgaat..., mag ik hem dan hebben"?
Deze grap heeft een ernstig gemeende ondertoon die na een paar weken wel duidelijk wordt. En dan hebben wij weer een nieuwe bondgenoot erbij.
Het aardige is nu dat niemand weet dat hij tot de "kring" behoort. Je wordt gewoon stilzwijgend ingelijfd, zonder dat er vaste afspraken of verplichtingen zijn.
Maar het werkt!
Dat is vandaag weer eens duidelijk geworden..
wordt vervolgd
Kelev