tweedehands honden deel 11
Geplaatst: 11 feb 2011 21:18
11.
En dan komt onvermijdelijk de dag dat ik er aan zal moeten geloven, en de Galgo's los moet laten.
Ik denk er het beste aan te doen om Lotje het eerst los te maken, om te kijken hoe dat gaat.
Het is een aardige dag met rustig voorjaarsweer, en op dit vroege uur zijn er nog maar heel weinig mensen.
En dus haal ik maar even diep adem en maak de haak van de lijn los. Ze heeft nog niet meteen door dat er geen belemmering meer is, en blijft braaf naast mij lopen.
Jaaah Lotje!! Hoppa! Vooruit! zo moedig ik haar aan, en nadat zij mij even verrast heeft aangekeken begint het tot haar door te dringen dat er geen beperkingen meer zijn.
En ineens stuift zij er dan vandoor. Recht het bos in! In een mum van tijd is zij uit mijn gezichtsveld verdwenen.
Ik sla linksaf, en loop parallel aan het bos, naar de grote open heidevlakte.
Van Lotje is geen spoor te bekennen. Na tien minuten bereik ik het open gedeelte alwaar je een onbelemmerd uitzicht hebt. Ik speur 360 graden in het rond, maar geen galgo te bekennen.
Ook op mijn fluitsignalen wordt niet gereageerd, en ik begin mij ernstig zorgen te maken. Ik kan natuurlijk teruglopen, maar zal ik haar dan aantreffen?
Ik heb geen idee welke richting zij is uitgelopen....
Ik blijf wachten terwijl mijn onrust toeneemt. In mijn verbeelding zie ik haar al in paniek langs de snelweg lopen.
Zij was namelijk al eens weggelopen bij haar vorige baas die haar mee naar Utrecht had genomen, waar hij zijn kantoor heeft.
Iemand had daar de deur open laten staan en Lotje was gaan zwerven. Drie dagen lang heeft haar baas toen op de fiets heel Utrecht doorkruist.
Bij stom toeval vond hij haar terug bij het spoorweg-museum.
Dat spookbeeld waart nu rond in mijn hoofd...Zal ik mijn vrouw Mimi opbellen?...Hoe lang is ze nu al weg?...Zal ik eerst de dierenambulance bellen?
Na een kwartier zie ik plotseling in de verte een grijze schim de het bos uitschieten. Aan de snelheid kan ik zien dat dit Lotje moet zijn, maar ze is zo ver weg
dat ik daar niet helemaal zeker van ben. Ik fluit en ik roep, ik sta op en neer te springen en te dansen, en met mijn armen te zwaaien....
En dan staat de hond plotseling stil. Duidelijk zij ik nu haar zilvergrijze snoet mijn richting uitdraaien. Zij heeft mij gezien, dat lijdt geen twijfel, en zij komt als een kanonskogel op ons af.
Dan stuift zij ons voorbij, loopt een ereronde en komt daarna naar mij toe.
Helemaal opgelucht prijs ik de hond uitbundig, en trek een speciaal voor dit doel meegebrachte zak met plakjes wordt tevoorschijn.
Kom jongens het is feest! Allemaal een snoepje!
Ik maak Lotje vast en vrolijk wandelen wij verder. Mijn ongerustheid is op slag vergeten, en ik voel alleen maar opluchting.
Ik vraag mij wel af wat zij daar allemaal in dat bos heeft uitgespookt, en welke route zij daarbij heeft gevolgd.
In de verte zie ik baas "Ollie" aankomen. Ollie is een Ierse terriƫr, die helemaal voldoet aan de steriotiepen die van Ieren in omloop zijn.
"Zuipen, achter de wijven aan, en matten". (Niet noodzakelijk in die volgorde)
Dat Ollie zich nog al eens misdraagt is voornamelijk te danken aan aan zijn baas, die te goed is voor deze wereld.
Hij is niet in staat de hond scherp terecht te wijzen, en is altijd te laat met ingrijpen. Hij roept pas Ollie!, als die rooie Ier al op volle snelheid achter een fietser aanstuift.
De hond doet overigens niets, (maar dat weet de fietser niet) hij loopt alleen maar hinderlijk blaffend een eindje mee.
Wordt vervolgd
Kelev
En dan komt onvermijdelijk de dag dat ik er aan zal moeten geloven, en de Galgo's los moet laten.
Ik denk er het beste aan te doen om Lotje het eerst los te maken, om te kijken hoe dat gaat.
Het is een aardige dag met rustig voorjaarsweer, en op dit vroege uur zijn er nog maar heel weinig mensen.
En dus haal ik maar even diep adem en maak de haak van de lijn los. Ze heeft nog niet meteen door dat er geen belemmering meer is, en blijft braaf naast mij lopen.
Jaaah Lotje!! Hoppa! Vooruit! zo moedig ik haar aan, en nadat zij mij even verrast heeft aangekeken begint het tot haar door te dringen dat er geen beperkingen meer zijn.
En ineens stuift zij er dan vandoor. Recht het bos in! In een mum van tijd is zij uit mijn gezichtsveld verdwenen.
Ik sla linksaf, en loop parallel aan het bos, naar de grote open heidevlakte.
Van Lotje is geen spoor te bekennen. Na tien minuten bereik ik het open gedeelte alwaar je een onbelemmerd uitzicht hebt. Ik speur 360 graden in het rond, maar geen galgo te bekennen.
Ook op mijn fluitsignalen wordt niet gereageerd, en ik begin mij ernstig zorgen te maken. Ik kan natuurlijk teruglopen, maar zal ik haar dan aantreffen?
Ik heb geen idee welke richting zij is uitgelopen....
Ik blijf wachten terwijl mijn onrust toeneemt. In mijn verbeelding zie ik haar al in paniek langs de snelweg lopen.
Zij was namelijk al eens weggelopen bij haar vorige baas die haar mee naar Utrecht had genomen, waar hij zijn kantoor heeft.
Iemand had daar de deur open laten staan en Lotje was gaan zwerven. Drie dagen lang heeft haar baas toen op de fiets heel Utrecht doorkruist.
Bij stom toeval vond hij haar terug bij het spoorweg-museum.
Dat spookbeeld waart nu rond in mijn hoofd...Zal ik mijn vrouw Mimi opbellen?...Hoe lang is ze nu al weg?...Zal ik eerst de dierenambulance bellen?
Na een kwartier zie ik plotseling in de verte een grijze schim de het bos uitschieten. Aan de snelheid kan ik zien dat dit Lotje moet zijn, maar ze is zo ver weg
dat ik daar niet helemaal zeker van ben. Ik fluit en ik roep, ik sta op en neer te springen en te dansen, en met mijn armen te zwaaien....
En dan staat de hond plotseling stil. Duidelijk zij ik nu haar zilvergrijze snoet mijn richting uitdraaien. Zij heeft mij gezien, dat lijdt geen twijfel, en zij komt als een kanonskogel op ons af.
Dan stuift zij ons voorbij, loopt een ereronde en komt daarna naar mij toe.
Helemaal opgelucht prijs ik de hond uitbundig, en trek een speciaal voor dit doel meegebrachte zak met plakjes wordt tevoorschijn.
Kom jongens het is feest! Allemaal een snoepje!
Ik maak Lotje vast en vrolijk wandelen wij verder. Mijn ongerustheid is op slag vergeten, en ik voel alleen maar opluchting.
Ik vraag mij wel af wat zij daar allemaal in dat bos heeft uitgespookt, en welke route zij daarbij heeft gevolgd.
In de verte zie ik baas "Ollie" aankomen. Ollie is een Ierse terriƫr, die helemaal voldoet aan de steriotiepen die van Ieren in omloop zijn.
"Zuipen, achter de wijven aan, en matten". (Niet noodzakelijk in die volgorde)
Dat Ollie zich nog al eens misdraagt is voornamelijk te danken aan aan zijn baas, die te goed is voor deze wereld.
Hij is niet in staat de hond scherp terecht te wijzen, en is altijd te laat met ingrijpen. Hij roept pas Ollie!, als die rooie Ier al op volle snelheid achter een fietser aanstuift.
De hond doet overigens niets, (maar dat weet de fietser niet) hij loopt alleen maar hinderlijk blaffend een eindje mee.
Wordt vervolgd
Kelev