
Dit gedicht heb ik toen geschreven:
Independence Day
Don't cry, don't miss me,
Just remember me the way I was.
Celebrate my life, don't grieve.
Just remember me the way I was.
4th of July, independence day,
You gave me permission, I flew away.
Stars, a thousand, twinkling in the night.
One little star, the brightest of all,
Do you see? That's me.
Please don't cry, celebrate my life.
I was in pain, you've let me go.
Such relieve, thanks for that.
Independence day it is for me,
Thanks for the love and caring,
Now I am free.
En op wat zijn eerste verjaardag zou zijn geweest heb ik dit geschreven:
Een jaar geleden alweer,
Vol spanning wachtten we op het langverwachte telefoontje dat je geboren zou zijn. En daar was het dan: 26 september om 9 uur 's avonds ben je geboren, samen met je vier broertjes en zusjes. Helaas mochten twee daarvan niet leven, maar jij, je zusje Annabel en je zusje Luna deden het goed. Jullie groeiden als kool en werden al snel een stel zalig ondeugende pups. Het wachten duurde lang, maar na acht weken mochten we je dan eindelijk op gaan halen.
Ach Daan, vanaf het begin was je al ziek. Je wilde niet eten, je had vreselijke diarree en je viel alleen maar af. En je kon niet goed lopen, je lopen zag eruit alsof je teveel gedronken had. De dokter vertelde me wat je mankeerde en dat je waarschijnlijk niet heel oud zou gaan worden. Ze gaf je het ene prikje na het andere tegen de darminfecties, je woog nog maar 2,2 kilo. Wat was je mager en ziek. Maar wat toonde je gelijk al je dapperheid. Je ging gewoon door met spelen en ontdekken, zeurde nooit dat je je niet lekker voelde. We kregen je weer op de rit, je begon goed te groeien. Alleen je lopen bleef een probleem.
Al snel hebben we je koets gekocht. Zo kon je toch fijn mee naar buiten. Wat zat je trots om je heen te kijken, en wat genoot je enorm van het feit dat je er toch bij kon zijn. Kleine stukjes kon je lopen, maar je kwam altijd zelf vertellen dat je weer in je koets wilde. Je genoot van je leventje, van alles om je heen. Net zoals iedereen om je heen genoot van jou.
Toen was daar die drukke pup die je omgooide. Je gilde het uit van de pijn, en kon nu nog maar op 3 pootjes lopen. Je kruisbandje was gescheurd. Op advies van een specialist hebben we je niet laten opereren. Een narcose was zo gevaarlijk voor jou, en je herstel zou minimaal zijn. Je redde je prima op je 3 pootjes. Twee maanden lang, daarna ging het weer beter en begon je je zere pootje weer te gebruiken. Wat een feest, wat waren we blij voor je, trots op je.
Heel even heb je zo rond gehobbeld met je zwieberige lijfje. Toen sleet je je nageltjes tot bloedens toe af en moest je buiten schoentjes aan. Nooit heb je tegen gestribbeld, je liet ons je schoentjes rustig aantrekken. Je wist dat het voor je eigen bestwil was, he ventje.
Ook dat genas weer, en je kon weer voor even op al je pootjes, zonder schoentjes, buiten genieten. Je ontdekte hoe lekker het was om in het gras te rollen, je plaste ineens als een grote kerel met je pootje omhoog. Je werd 's nachts zindelijk, en het leven lachte je toe. Dachten we.
Tot die donderdag, de zwartste dag uit ons korte leven samen. Je had pijn, zo vreselijk veel pijn. Je huilde, je schreeuwde, je lag te schokken in je mandje. Je wilde niet meer eten, niet meer mee naar buiten. De dokter wist de volgende dag zeker wat wij al vreesden: je leventje was aan zijn eind gekomen. Zoveel pijn, en we konden je met de beste wil van de wereld niet meer beter maken, de pijn weg nemen. We hebben je laten gaan ventje, we konden en mochten niet anders. Negen maanden was je nog maar. Negen maanden vol met mooie momenten, vol trots om ons dappere kereltje. Negen maanden met heel veel lachen, soms met tranen.
Wat liet je een enorme leegte en verdriet achter, liefste Daan. Je vrouwtje heeft dagen lopen huilen, je zusje had geen zin meer in het leven, het huis was te leeg, te stil. We misten je onregelmatige getrippel op de vloer, je zalige kusjes, je geknor, je serieuze koppie, we misten alles aan je. En nog steeds, elke dag, voelen we het gemis van jou, bijzonder schepseltje.
Nu woont Beau bij ons. Dat weet je he, jij hebt hem naar ons toe gestuurd. Jij kijkt mee vanaf je bijzondere plekje, en volgens mij geniet je nog steeds van het simpele feit dat je erbij bent.
Ik heb je lijfje laten gaan, Daan, dat heb ik los gelaten. Maar weet dat ik jou nooit zal laten gaan. Geen dag gaat er voorbij zonder jou in mijn gedachten, zonder lach om de zoete herinnering.
Nu zou je jarig zijn geweest, 1 jaar. Zelfs dat heb je niet mogen halen. Dank je wel, grote schat van me, dat je je korte leventje met ons hebt willen delen. Dank je wel voor je onvoorwaardelijke liefde en vertrouwen. Dank je wel voor je capriolen, voor de lach die je ons keer op keer bezorgde. Je was, bent en blijft mijn Gouden Hartje, voor altijd!
Het ga je goed daar, Daan. Vier je feestje met al je vriendjes die hier op aarde zo vreselijk gemist worden. En denk tijdens je feestje ook even aan ons, zoals wij altijd aan jou zullen denken.
Een hele dikke kus en knuffel voor je, kleine man.
We missen ons klein dapper speciaal mannetje nog iedere dag.






TARAK




